Prefabwerk
Stucwerk en afbouw · 6 min lezen

Afwerkingsklassen van stucwerk en gipsplaat: hoe vlak is vlak?

Behangklaar en sausklaar zijn praktijkwoorden. In de vakwereld gebruiken we groepen en klassen met millimeters. Zo leg je vast wat je krijgt.

Laatst bijgewerkt op

Het korte antwoord

Voor stucwerk binnen gebruikt de branche de tabel van het Technisch Bureau Afbouw met groep 0 tot en met 6. Per groep staat wat erop mag komen en hoeveel millimeter de wand mag afwijken.

Voor gipsplaten is er een eigen tabel met klasse A tot en met F. Die is te vergelijken met de Europese niveaus Q1 tot Q4.

Wil je latex, dan past in de stucwerktabel groep 1, voor een mat verfsysteem. Leg de groep vast in de offerte en spreek bij groep 0 en 1 een proefvlak af.

Waarom millimeters beter werken dan woorden

Behangklaar en sausklaar betekenen niet bij elke stukadoor hetzelfde. Wat de een glad noemt, vindt de ander nog ruw. Als er onenigheid komt, heb je niets aan die woorden. Een groep of klasse met een getal kun je meten met een rei.

Het Technisch Bureau Afbouw publiceerde in maart 2018 de tabelkaart Oppervlaktebeoordelingscriteria stukadoorswerk binnen. Die staat ook op de site van NOA, de branchevereniging voor afbouw. Voor gipsplaten is er een vergelijkbare tabel uit juli 2015. Wij gebruiken die tabellen als we een afwerkniveau afspreken.

Stucwerk: groep 0 tot en met 6

De tabel noemt per groep de toepassing. Groep 0 is voor een glanzend verfsysteem en heeft de hoogste eisen. Groep 1 is voor een mat verfsysteem, vinylbehang, een glasvlies verfsysteem of een fijne sierpleister tot 1 mm. Groep 2 is voor dikker behang of een sierpleister met een korrel vanaf 1 mm. Groep 3 is filmwerk van hooguit 2 mm dat de ondergrond volgt. Groep 4 en 5 zijn structuren, geschuurd of gespoten. Groep 6 is een plaatselijke reparatie.

De vlakheid wordt gemeten met een rei tussen twee meetpunten. Bij groep 1 mag de wand over 1 meter 2 mm afwijken, bij groep 2 is dat 3 mm. Over 2 meter is het bij beide 5 mm. Groep 0 is strenger: 1,5 mm over 1 meter en 2 mm over 2 meter.

De woorden behangklaar en sausklaar staan niet in de tabel. Volgens de toepassingen past groep 1 bij latex of matte verf, en groep 2 bij dikker behang.

Hoe er wordt beoordeeld

De tabel schrijft voor dat er bij de beoordeling geen strijklicht op de wand mag vallen. Ze verwijst daarvoor naar bijlage A van de norm NEN-EN 13914-2. Strijklicht is licht dat bijna evenwijdig over de wand scheert, zoals van een raam in de zijmuur of een lamp vlak langs het plafond. In dat licht zie je elke oneffenheid.

Bij groep 0 en 1 is een proefvlak verplicht. Dat is een stuk wand dat als voorbeeld dient voor de rest. Bij de andere groepen raadt de tabel het aan. Zonder proefvlak moet bij onenigheid een onafhankelijke deskundige oordelen. Een proefvlak voorkomt dus discussie achteraf.

Gipsplaten: klasse A tot F, of Q1 tot Q4

Voor gipsplaten is er een aparte tabel. Klasse A is het hoogst: de plaat wordt helemaal gefilmd met ongeveer 1 mm, voor glanzende verf. Klasse B is geschikt voor gematteerde verf en dun behang. Klasse C is voor zwaar vinylbehang en middelgrove structuur. Klasse D voor grove structuur. E en F zijn alleen afgevoegd of niet afgevoegd.

Klasse C is de standaard als er niets is afgesproken. Wil je latex op gipsplaten, spreek dan klasse B af. In Europa gebruikt men Q1 tot Q4. Volgens de NOA-tabel komt A overeen met Q4, C met Q2 en E met Q1. Q3 wordt volgens dezelfde tabel in Nederland nog niet uitgevoerd. In Nederland zijn de klassen leidend, omdat ze meetbaar zijn.

Wat je in de offerte zet

Met deze punten weet jij en weet de stukadoor wat er wordt opgeleverd.

  • De groep of klasse per ruimte, bijvoorbeeld groep 1 voor de woonkamer en groep 2 voor de slaapkamers.
  • Wat erop komt: latex, behang, sierpleister.
  • Een proefvlak bij groep 0 en 1.
  • Wie schuurt en stofvrij maakt voor de schilder.
  • Hoe en wanneer er wordt beoordeeld, en zonder strijklicht.
Stucwerk binnen: groepen en vlakheid
GroepToepassingOver 0,4 mOver 1 mOver 2 m
0Glanzende verf, zeer hoge eisen1 mm1,5 mm2 mm
1Matte verf of latex, vinylbehang, fijne sierpleister tot 1 mm1 mm2 mm5 mm
2Dikker behang, sierpleister vanaf 1 mm1,5 mm3 mm5 mm
3Filmwerk tot 2 mm, volgt de ondergrondgeen eisgeen eisgeen eis
4Structuur tot 3 mm, geschuurd of gespoten1,5 mm3 mm5 mm
5Grove structuur boven 3 mm2 mm3 mm5 mm
6Plaatselijke reparatiegeen eisgeen eisgeen eis
Bron: Technisch Bureau Afbouw, TBA-Tabelkaart 2, Oppervlaktebeoordelingscriteria stukadoorswerk binnen, maart 2018. Groep 0 heeft ook een eis van 0,5 mm over 0,2 m.
Gipsplaten: klassen en Q-niveaus
KlasseQ-niveauGeschikt voorOver 1 mOver 2 m
AQ4Glanzende verf, metallic behang1,5 mm2 mm
BgeenGematteerde verf, dun behang, fijne spuitpleister tot 1 mm2 mm3 mm
CQ2Zwaar vinylbehang, korrel 1 tot 3 mm (standaard)3 mm4 mm
DgeenGrove structuur boven 3 mm3 mm4 mm
EQ1Alleen functioneel, of tegels op gipsvezel3 mm4 mm
Bron: NOA/TBA, Afwerkingsniveaus van in het werk af te werken gipskarton- en gipsvezelplaten, versie juli 2015.

Veelgestelde vragen

Welke groep heb ik nodig voor latex?
In de stucwerktabel groep 1, voor een mat verfsysteem. Op gipsplaten klasse B. Wil je een glanzende verf, dan groep 0 of klasse A.
Hoeveel mag een gestucte wand afwijken?
Dat hangt af van de groep. Bij groep 1 is het 2 mm over 1 meter en 5 mm over 2 meter, volgens de TBA-tabel uit 2018.
Wat is Q4?
Het hoogste Europese niveau voor gipsplaten: de hele plaat wordt gefilmd. In de Nederlandse tabel heet dat klasse A.
Moet ik een proefvlak afspreken?
Bij groep 0 en 1 is dat volgens de TBA-tabel verplicht. Bij andere groepen is het verstandig.

Verder lezen

Meer over stucwerk en afbouw

Een eerste gesprek is gratis en vrijblijvend. Kan iets niet, dan hoor je dat ook.

Bel mijStel samenOfferte